De A.O.C. Château-Chalon is uitsluitend van toepassing op Vin Jaune. De enige toegestane druif is Savagnin.

Het is een uiterst kleine A.O.C van amper 50 ha en is gesitueerd in de gemeenten Château-Chalon, Domblans en Menétru-le-Vignoble.
De controles zijn er talrijker dan elders.

Sinds 1958 controleert een commissie ieder jaar de oogsten in de wijngaarden of alle vereiste kwaliteiten aanwezig zijn om de reputatie van de Vin Jaune te waarborgen.
Deze commissie is uniek in zijn soort en bestaat uit leden van de Kamer van Landbouw, Departementale directie van de Landbouw en het Bos (Direction Départementale de l'Agriculture et de la Fôret - DDF), INAO (Institut National des Appellations d'Origine, het Vennootschap van Wijnbouwers, producenten en handelaren.

De controle-commissie baseert zich voor deze analyse op het alcoholische potentieel van de druiven maar ook op de gezondheidstoestand en het rendement per perceel.
Ze neemt dan een beslissing waarvan het inkomen van de wijnbouwers, maar vooral de bekendheid van de wijngaard zullen afhangen.

In bepaalde jaren zoals 1974, 1980, 1984 en 2001, wanneer de oogst niet bevredigend is, beslissen de producenten om dit jaar geen Château-Chalon te produceren.

Sinds 2002 maakt het INAO de overweging om deze werkwijze uit te breiden op alle Franse A.O.C.'s om zich zo beter te wapenen tegen de Nieuwe Wereld wijnen.

Er heerst een continentaal klimaat met zeer koude winters. Tijdens de oogsttijd is het er normaal droog genoeg om de druiven te oogsten eind oktober.

De bodem bestaat er uit kalkmergel.

De wijnen zijn zeer krachtig en hebben een goudgele kleur en kunnen extreem lang bewaard worden.

De wijnen worden uitsluitend in 62 cl Clavelin flessen verkocht. De naam Clavelin zou volgens een plaatselijke legende afgeleid zijn van het feit dat er slechts 62 cl overblijft van 1 liter wijn nadat de wijn min. 6 jaar gelagerd is.