Port is een versterkte wijn afkomstig van Porto gelegen aan de bovenloop van de Douro in het noordoosten van Portugal. De verschillende wijngaarden worden Quinta's genoemd. Iedere quinta heeft zijn eigen naam, bvb. Quinta de Pulga, Quinto do Vessuvio,.....
Er zijn slechts 26000 ha wijngaarden die terrasvormig aangelegd zijn op de flanken van de vallei. Vaak worden de wijngaarden omringd door muurtjes die een totale lengte van 5000 km beslaan. Daarom werd de regio in 2001 door UNESCO tot werelderfgoed uitgeroepen.
De drank heeft een alcoholgehalte tussen de 18 en 20%.
De meest ports (behalve Single Quinta Vintage Port) worden bekomen door het mengen van ports van verschillende Quinta's.

Druivenvariëteiten

Voor de bereiding worden verschillende druivenvariëiten gebruikt: Touriga Nacional, Touriga Francisca, Tinta roriz, Tinta barroca, Tinta cäo, Tinta Francisca, Tinto rouro, Bastardo, Donzelinho, Mourisco en de Malvaisa fina (witte port)

Geschiedenis

Port wordt sinds begin 17eeuw geproduceerd. De bereiding ontstond doordat Engeland in onmin leefde met Frankrijk dat toen reeds een grote wijnproducent was. Hierdoor ging men in andere streken op zoek naar wijn. Doordat de Portugese en Spaanse wijnen de lange bootreis naar Engeland niet altijd goed overleefden zocht men naar oplossingen. Er werd aan het einde van de bereiding wat brandewijn toegevoegd. Pas eind 18e eeuw begon men met de gisting te stoppen door wijnalcohol toe te voegen. Hierdoor behoudt port veel restsuiker en is daarom zoet.

Bereidingsproces

In het beginstadium is port een donkere rode wijn met harde tannines omdat de schillen en pitten vermengd worden met het gistende sap.
De druiven worden eind september overdag geplukt en 's nachts worden de druiven met de blote voeten geplet. Geleidelijk wordt de rijke kleur en tannine aan de druivenschillen onttrokken. Het ontstane sap (most) wordt in grote stenen kuipen gegist. Wanneer de gist ongeveer de helft van de natuurlijke druivensuiker in alcohol heeft omgezet  wordt een kleurloze brandewijn aan de gistende most toegevoegd, dit wordt het versterken genoemd. Daardoor valt de gisting stil. Veel van de oorspronkelijke zoetheid, het nog niet vergiste druivensuiker blijft achter en bepaalt het karakter van de port. Bij het rijpen onstaan tal van prachtige geuren en smaakaroma's door de combinatie van brandewijn en port.

Types port

De port kan men onderverdelen in 2 grote types: Ruby en Tawny. Deze 2 categorieën worden op hun beurt onderverdeeld in subcategorieën

Ruby types

  1. Young Ruby De Ruby Port
    Komt het meest voor. Deze relatief jonge port is 2 tot 3 jaar opgeslagen op vat. Dit zijn veelal roestvrij stalen tanks of betonnen bakken. Soms ook eikenhouten
    vaten. Wordt geblend door druiven van meerdere druivensoorten, jaargangen en wijngaarden te mengen.Is robijnrood van kleur, wordt op 12° C geserveerd.
  2. Late Bottled Vintage Port (LBV)
    Is mengeling van ports van 1 enkel jaar. Rijpen tussen de 4 en 6 jaar in eikenhouten vaten en worden dan gebotteld. Het etiket moet het oogstjaar en jaar van botteling vermelden
  3. Crusted
    Mengeling van ports van verschillende jaren die 3 à 4 jaar in vaten gerijpt zijn en ongefilterd gebotteld worden waardoor er een bezinksel (crust) vormt. Moet
    net als vintage port gedecanteerd worden alvorens hij kan geconsumeerd worden.
  4. Vintage Port
    Ongeveer 3 keer in een decennium is de oogst zo denderend dat na degustatie blijkt dat de wijn er zo uitspringt in vergelijking met andere jaren dat het IDVP (Instituto dos Vinhos do Douro e do Porto het jaar tot vintage portjaar uitroept.
    Elk porthuis is vrij om ook in niet benoemde vintagejaren port aan te bieden aan het IDVP om deze te laten testen. Wanneer deze aan strenge kwalificaties voldoet kan het zjin dat dit porthuis ook het label vintage mag gebruiken. Dit zijn meestal Single Quinta Vintage Ports.
    De vintage port wordt maximaal 3 jaar in eikenhouten vaten bewaard. Dan worden ze zo gebotteld dat op ze de fles verder rijpen en een depot gevormd wordt in de fles. Daarom wordt een vintage het best gedecanteerd alvorens ze te serveren.
    In Portugal wordt een gedecanteerde fles vintage terug opgevuld met een ruby zodat deze port meer body krijgt. Het etiket van de vintage port moet het oogstjaar en het jaar van botteling vermelden.
    De fles moet min. 24 uur rechtop staan alvorens hij geopend wordt om zeker te zijn dat het depot van de fles is neergeslagen.
    Hij wordt op ongeveer 18° C geschonken. Vanwege het lage tanninegehalte oxideert de vintage port snel waardoor hij binnen de 48 uur gedronken dient te worden omdat de kwaliteit anders sterk vermindert.
  5. Single Quinta Vintage Port
    Vintage port uit 1 enkele wijngaard. De wijngaard moet op de fles vermeld staan. Kunnen in jaren voorkomen die niet als vintage jaren gezien worden. Wanneer een producent meent dat zijn Quinta een uitzonderlijke kwaliteit heeft kan hij deze voorleggen aan het IVP (Instituto do Vinho do Port) dat dan al  dan niet het vintage label zal toekennen. Het etiket vermeld het oogstjaar en jaar van botteling

Tawny types

  1. Tawny port
    Deze port is genoemd naar de taankleur die ontstaat doordat de wijn meerdere jaren op vat rijpt zodat hij iets kan oxideren. Het is een blend van verschillende oogstjaren met als voornaamste kenmerk dat hij meerdere jaren in vaten gerijpt heeft, wat zijn typische kleur geeft. In de goedkopere tawny port wordt echter veel gefoefeld om de juiste kleur en geur te bekomen. Zo wordt de rode en witte port nogal eens samen gemengd
  2. Aged Tawny
    Hierbij staat op de fles hoelang de port in vaten gerijpt is. Omdat het een mengeling van portwijnen is, is de op de fles aangegeven leeftijd de gemiddelde leeftijd van de blend.
  3. Colheita
    Bestaat uit de oogst van één enkel jaar. Moet minstens 7 jaar in een houten vat gerijpt hebben. Hij is onmiddellijk op dronk. Het oogstjaar en het aantal jaren dat de port gerijpt wordt op vat is op de fles vermeld.
  4. Garrafeiraport
    Is ook een mengeling van één bepaald jaar. Wordt ook wel eens de brug tussen tawny en vintage port genoemd. Na een korte rijpingstijd in houten vaten worden ze overgebracht in grote glazen vatten waar ze gedurende 20, 30 of 40 jaar traag verder rijpen. In de loop de jaren wordt er een bezinksel gevormd dat decanteren nodig maakt alvorens de port in flessen van 75 cl gebotteld wordt. Hierna rijpt de port verder in de fles.
  5. Witte port
    Wordt alleen gemaakt van witte druiven. Ook witte port wordt gedurende een drietal jaren gerijpt op vat. Is qua kleur strogeel.
  6. Rosé port
    Sinds mei 2009 zijn ook rosé portos erkent als officiële port door de ministerraad. Sinds 2008 kwam Croft met Pink port op markt.

Er worden tegenwoordig overal ter wereld (vooral in Australië en Zuid-Afrika)  versterkte wijnen geproduceerd die enorm veel op port gelijken. In Europa mag echter alleen het product uit Portugal het label port dragen, in Amerika is dit niet het geval.

Ondanks dat port veelvuldig als aperitief (eetlust stimulerend) gedronken wordt is het eigenlijk een digestief (spijsvertering bevorderend).