Portugal is qua productie het 7e grootste wijnland van Europa.

Portugese wijnen zijn wijnen met een eigen karakter en originaliteit. Ze hebben een combinatie van klassiek en modern. Men heeft er unieke druivenrassen met exotisch aandoende namen, die veelal alleen in Portugal aangeplant worden. Anders dan in andere wijngebieden en landen houden de wijnbouwers zich van modieuze variëteiten als Chardonnay en Cabernet Sauvignon, het vasthouden aan inheemse druiven is tegenwoordig de sterkte van Portugal als wijnland.

Tien eeuwen v.Chr. brachten de Feniciërs de wijnstokken naar Portugal en reeds zeer vroeg werden in de dalen van de Taag en Sado aan wijnbouw gedaan. De Romeinen zorgden ervoor dat de wijnbouw overal in Portugal opflakkerde.

Begin 20ste eeuw kregen de 1ste wijngebieden een eigen D.O.C. Ruim voorheen kende men al de M

portugal

adeira en portwijnen.

In 1986 trad Portugal toe tot de Europese Unie, dit is belangrijk voor de verdere ontwikkeling van de Portugese wijnen omdat ook Portugal zich moest houden aan de Europese wetgeving onderging de wijnbouw na 1986 grote wijzigingen die ten goede kwamen aan de kwaliteit van de wijnen.

In de wijngaarden houdt men bewust vast aan tradities, maar in de kelders gebruikt men tegenwoordig de modernste technologieën op gebied van vinificatie omdat de niet voldoende is. De voorbije 2 decennia onderging de Portugese wijnbouw een enorme revolutie. Niet enkel nieuwe gebieden als Alentejo en Ribatejo, maar ook gebieden met een grote geschiedenis als Dão experimenteren volop met de nieuwste technieken.

Er mag in Portugal geen suiker toegevoegd worden aan de most om een hoger alcoholgehalte te bekomen, wel mag men zoete of ingedikte most gebruiken om de wijn zoeter te maken.